Op een andere planeet
Geschreven door Max van Bulken
****
“Het is alsof ik op een andere planeet ben. Het lukt me niet meer me te verhouden tot de mensen hier,” (p. 35)
In Op een andere planeet kunnen ze me redden beschrijft Lieke Marsman (1990-2026) hoe het is om met de gedachte te leven dat de dood nabij is. Wat gebeurt er met de mentale staat van een mens met de wetenschap dat de dood een concreet iets vormt, welke openbaringen verschijnen er?
Want om dat woord kom ik toch niet heen: openbaringen. De grootste openbaringen die in het boek worden beschreven zijn enerzijds religieus en anderzijds science fiction-achtig van aard. Neemt het Harry Potter-achtige gedeelte van de gedachte dat er UFO’s bestaan. Zelf waarschuwt ze al voor wat ‘de mensen’ er wel niet van kunnen denken: zie je iemand in doodsnood? Of iemand voor wie er openbaringen verschijnen?
Enigszins sceptisch, zoals elke lichte vorm van scepsis mij aandient wanneer ik literatuur van na de afgelopen eeuwwisseling tot mij krijg, las ik de eerste bladzijden van het boek. Het voorwoord was nog niet uit, of ik werd gegrepen. Het heeft mij gedurende het lezen nauwelijks meer losgelaten. Haar eerlijkheid, de worsteling met het leven en de naderende dood zijn aangrijpend en helder beschreven. Wat mij tevens aansprak, is de op een toegankelijke manier omschreven filosofie. Ook blijft ze als literair schrijfster maatschappelijk betrokken, door fundamentele vragen niet te schuwen.
“En zo sijpelde de filosofie toch de behandelkamer in. Want wie bepaalt wat zinloos lijden is, en wat niet? Wat als het voor mij heel veel zin heeft om tot het einde toe de zwaarste behandelingen te ondergaan [...] ?” (p. 11)
Het raakt aan een zeer fundamentele vraag. De vraag van vrijheid. De vrijheid om zelf je leven in te kunnen richten, ongeacht de toestand van bestaan. Zelfs wanneer iemand heel erg ziek is, richting de dood kruipt, achten wij mensen nog in staat om te mogen beslissen over hun eigen leven. Zij krijgen echter te maken met een medisch systeem, waar Marsman kritiek op toont: de medici zitten vast in structuren, die af kunnen wijken van de wil van de patiënt. In hoeverre gaan wij er als maatschappij in mee? Het biedt ons een interessant perspectief. En, hoe zit dit op een andere planeet?
Radicaal eerlijk omschrijft Marsman haar gedachten rond de ziekte. Ze schrijft over het verliezen van haar arm. De motieven erachter en de discussie met de behandelend arts leveren pijnlijke passages op.
“[...] zo’n operatie is extreem zwaar, veel kans op complicaties, en je komt eruit als een verminkt persoon. Dat moet je niet willen, verminkt zijn, beaamt de chirurg.” (p. 33)
Hierbij verliest ze de maatschappelijke betrokkenheid geen moment. Haar open relaas richt zich ook op artsen, die - ondanks haar dankbaarheid - ook de nodige kritiek te verstouwen krijgen in dit boek. Bijvoorbeeld wanneer het gaat om het vragenlijsten-mechanisme:
“Wel wordt me om de haverklap gevraagd of ik vragenlijsten wil invullen [...] een mechanisme om op makkelijke wijze nieuwe promovendi af te leveren zonder dat er daadwerkelijk medische interventies hoeven plaats te vinden.” (p. 29)
En nog pijnlijker:
“[...] antwoordt dezelfde arts die me een maand daarvoor met een megazwelling naar huis heeft gestuurd, dat ze geen zin heeft om een en ander in gang te zetten ‘Jij,’ zegt ze, ‘gaat toch wel dood.’” (p. 28-29)
Religie
Marsman was een echte atheïst: uit het ei gekropen om het bestaan van God af te wijzen. In dit boek komt ze terug op dit perspectief op religieuze ervaringen. Er zijn momenten, zo omschrijft ze, dat ze in een Godheid is gaan geloven. Ze doet dat heel dubbelzinnig, enerzijds weet ze het te koppelen aan haar ‘zielennood’, anderzijds laat ze dit geen afbreuk doen aan haar constateringen. En wat de lezer ermee doet, dat moet de lezer maar lekker zelf weten.
“[...] de religieuze teksten, van welke religie dan ook, ontstaan op momenten dat de schrijvers ervan in heel dwingende, acute zielennood verkeerden.” (p. 26)
En in zielennood, dat zit ze.
UFO’s
Naast de religieuze ervaringen die de naderende doodservaring met zich meebrengt, is er nog een hele andere ervaring die Marsman ten tonele verscheen: de kwestie van het bestaan van UFO’s. Er wordt door Marsman eerlijk beschreven dat ze het bestaan van UFO’s niet langer ontkent. Als we dit koppelen aan de religieuze ervaringen die de toestand van Marsman haar heeft geboden, kunnen we dit op meerdere manieren lezen: dit is wat het brein doet wanneer we horen dat de dood nadert en/of we kijken met een te nauw perspectief richting de wereld. Het één sluit het ander niet uit.
Dit is echter wel het minst geloofwaardige stuk. Het is wel geloofwaardig dat ze iets als dit werkelijk beleeft, maar ze wijdt zich te veel op detail uit over hoe ze tot deze stelling komt. Ditgeen kan snel worden gezien als onzinnig.
Het boek zelf is met 190 bladzijden, veel citaten, witregels en verdere lege ruimte nog uit te breiden met een langer gestructureerd verhaal. Het boek is daarmee wat aan de korte kant.
Afscheid
Marsman sluit af met enkele woorden over haar eigen dood. Ze geeft aan niet bang te zijn voor de dood zelf, maar wel voor de momenten ervoor. Alle laatste keren dat ze bepaalde dingen kan ondernemen.
Daarnaast gaat ze in op wat afscheid werkelijk weet in te houden. De dood brengt schade toe, niet enkel aan de mensen die achterblijven maar ook aan haarzelf: het betekent een 'afscheid van de mogelijkheden hier'. (p. 190)
Ze sluit af met een visie op haarzelf, haar rol tot haar einde hier op aarde;
"En tot die tijd wil ik altijd een oproep tot leven zijn." (p. 190)
Een prachtig besluit van een waardig, interessant en open boek.
****
Kortom, dit boek biedt een interessant perspectief op de dood. Het leesbare boek is ook zonder veel filosofische voorkennis goed te lezen. Daarbij is ze open en eerlijk over de dilemma's die haar leven kleuren. Het is een prachtig betoog, een 'oproep', tot leven. Al met al de moeite van het lezen waard!
Op een andere planeet kunnen ze me redden
Lieke Marsman
Uitgeverij Pluim, 2025
200 blz.; € 24,99
Reactie plaatsen
Reacties